top of page

Theologie van de ziel

  • Marcel Sarot
  • 4 dagen geleden
  • 3 minuten om te lezen

Theology of the Soul: A Pauline Perspective on Cultural, Philosophical, and Traditional Concepts.

Martine C.L. Oldhoff, Lexington Books / Fortress Academic, Lanham / Boulder / New York / London, 2024, viii + 373 blz., € 117,45


Dit is een zeer interessante studie van een omstreden begrip: dat van de ziel. Oldhoffs interesse is theologisch: ze is geĆÆntrigeerd door de afwijzing van dit begrip in veel hedendaagse systematische theologie, een afwijzing die vooral opvallend is in vergelijking met het traditionele belang ervan. Wat heeft deze ommekeer veroorzaakt? Zijn de redenen om het begrip van de ziel af te wijzen overtuigend? Kunnen we inderdaad zonder dit begrip in de theologie? Dit zijn enkele van de vragen die in deze ambitieuze studie worden beantwoord. Ambitieus, omdat zij meer terrein bestrijkt dan veel theologen, zelfs na een lange academische carriĆØre, zouden aandurven.


Oldhoff begint met een bespreking van de opmerkelijke terugkeer van de ziel in de hedendaagse cultuur. Hoewel ze op intelligente wijze gebruikmaakt van hedendaagse Engelse woordenboeken, beperkt ze zich niet tot deze, maar bespreekt ze ook de verschijning van dit concept bij de Amerikaanse romanschrijfster en essayiste Marilynne Robinson, de Franse filosoof Alain de Botton en de Pixar-film Soul (Disney). Elk van deze discussies is interessant. Ze gaat verder met een bespreking van de ziel in de geschiedenis van de theologie, waarbij ze zich concentreert op Plato en Aristoteles (die als onmisbare achtergrond fungeren), Augustinus, de neoplatoonse eenheidsmystiek, Thomas van Aquino, Luther en Calvijn. In het volgende hoofdstuk bespreekt ze het begrip van de ziel in de hedendaagse filosofie. Terwijl zelfs professionele filosofen zouden aarzelen om zowel de analytische/Angelsaksische als de hermeneutische/continentale filosofie te bespreken, doet Oldhoff dat wel, en in beide gevallen is haar bespreking niet alleen vakkundig, maar ook diepgaand.


Het volgende hoofdstuk behandelt de Bijbelwetenschap en haar behandeling van de ziel. Delen van dit hoofdstuk – met name die over de achtereenvolgende edities van H. Cremers Biblisch-theologisches Wƶrterbuch der Neutestamentlichen GrƤcitƤt – lezen als een detectiveverhaal, waarin Oldhoff plausibel maakt dat de oorsprong van de afwijzing van het dualisme in de Bijbelwetenschap niet ligt in een zorgvuldige studie van de bijbelteksten, maar in een stille aanpassing aan de groeiende consensus in de filosofie. In het hoofdstuk daarop interpreteert Oldhoff een aantal teksten van Paulus en concludeert dat Paulus geen eigen antropologie biedt, noch het dualisme afwijst. Paulus is niet filosofisch geĆÆnteresseerd, maar probeert zijn theologische standpunten duidelijk te maken. ā€˜What matters to Paul is that the gift of the Spirit is a continuous gift that will transform human beings in the Christian community, the Body of Christ, entirely’ (221). Oldhoff sluit af met een uiteenzetting van Paulus’ ā€˜pneumatologische antropologie’ in een reeks uitspraken die zij gebruikt als uitgangspunt voor een ā€˜systematic theological reflection inspired by Paul’s pneumatological anthropology’ (263).


Dit is naar mijn mening niet het sterkste hoofdstuk van het proefschrift. De focus op Paulus’ visie is een te beperkte basis voor het opbouwen van een systematische theologie en de manier waarop deze opbouw plaatsvindt, is nogal associatief. Dit wil niet zeggen dat dit hoofdstuk geen verdiensten heeft; Oldhoff pleit op overtuigende wijze voor het belang van numerieke identiteit voor de christelijke theologie,en ook voor het belang van de ziel voor deze numerieke identiteit (ook tijdens de tussenperiode tussen dood en opstanding). Op basis van een discussie met Kant suggereert zij dat de ziel een postulaat van de praktische rede zou kunnen zijn. In een slothoofdstuk relateert zij het theologische concept van de ziel, dat in hoofdstuk 7 van haar proefschrift wordt uitgewerkt, aan verschillende opvattingen over de ziel in de hedendaagse cultuur.


Wie zo’n breed terrein bestrijkt, kan niet op alle terreinen even goed thuis zijn. Bij Oldhoff blijkt dit onder meer uit het feit dat zij niet altijd de beste tekstedities gebruikt. Zo heet Thomas’ Summa theologiae bij haar nog Summa theologica. Verder beperkt Oldhoff zich in het theologische deel van haar onderzoek bijna uitsluitend tot protestantse auteurs, ook al vindt het begrip van de ziel veel meer acceptatie in de hedendaagse rooms-katholieke theologie. Dit neemt niet weg dat Oldhoffs onderzoek origineel, onafhankelijk, methodologisch verantwoord en diepgaand is. Ze bestrijkt een breed terrein in verschillende disciplines en haar pleidooi voor een herontdekking van de ziel in de (protestantse) theologie is relevant. De manier waarop zij het napraten van kritiek op het antropologisch dualisme in de hedendaagse Bijbelwetenschap ontmaskert, is niet alleen vermakelijk, maar ook overtuigend. Op deze manier maakt zij de weg vrij voor een herintroductie van de ziel in de theologie, en in de laatste hoofdstukken van het proefschrift geeft zij een mooi voorbeeld van hoe dat zou kunnen gebeuren.


Dit boek is de handelseditie van het proefschrift waarop Oldhoff in 2021 cum laude promoveerde aan de PThU. Inmiddels is zij naast haar predikantschap benoemd tot parttime docente dogmatiek aan de Theologische Universiteit Utrecht. Ik hoop dat wij nog veel van haar mogen horen.

Ā 

Marcel Sarot, hoogleraar fundamentele theologie aan Tilburg University

Recente blogposts

Alles weergeven

Opmerkingen


© 2024 Tijdschrift Inspirare in samenwerking met uitgeverij Merweboek. | Privacy verklaring

  • Facebook
  • LinkedIn Inspirare
bottom of page